Grensoverschrijdend, maar niet strafbaar: waar ligt de juridische grens?
Op 11 februari 2026 sprak de Rechtbank Oost-Brabant een anesthesioloog vrij van ontucht met twee patiënten. De rechtbank oordeelde dat zijn handelen professioneel grensoverschrijdend en misplaatst was, maar niet strafbaar.
Die nuance is juridisch wezenlijk – en maatschappelijk ongemakkelijk.
Voor organisaties die werken aan sociale veiligheid is deze uitspraak een belangrijke casus. Want waar ligt precies de grens tussen grensoverschrijdend gedrag en strafbaar gedrag?
Wat was er aan de hand?
De anesthesioloog raakte kort vóór twee borstverkleinende operaties de borsten van patiënten aan.
Bij de eerste patiënte tilde hij volgens eigen zeggen een borst kort op met de rug van zijn hand.
Bij de tweede patiënte palpeerde hij een borst in het kader van een (vermeende) verdenking op borstkanker en gaf daarbij uitleg aan een medewerker in opleiding.
Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg oordeelde eerder dat sprake was van ernstig grensoverschrijdend professioneel gedrag. De handelingen waren niet medisch noodzakelijk en er was geen toestemming gevraagd.
De officier van justitie kwalificeerde het als ontucht en eiste een gevangenisstraf en taakstraf.
De strafrechter kwam tot een ander oordeel:
geen bewezen seksuele intentie, geen opzet op een ontuchtige handeling → dus vrijspraak.
Wanneer is iets strafbaar als ontucht?
Voor een veroordeling op grond van artikel 249 Sr (oud) is vereist:
Een handeling van seksuele aard
In strijd met de sociaal-ethische norm
Met (voorwaardelijk) opzet op die seksuele handeling
Dat derde element is cruciaal. Het gaat niet alleen om de objectieve grensoverschrijding, maar om de innerlijke gerichtheid: was er (voorwaardelijk) opzet op een seksuele handeling?
De rechtbank oordeelde dat dit niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. De setting speelde daarbij een rol:
De handelingen vonden plaats in een operatiekamer
Meerdere zorgprofessionals waren aanwezig
De borsten waren reeds ontbloot in het kader van de operatie
Bij één patiënte was sprake van een mogelijke tumor
De rechtbank vond het gedrag misplaatst en onprofessioneel, maar zag onvoldoende bewijs voor seksuele intentie.
Strafrecht ≠ Tuchtrecht ≠ Sociale norm
Deze uitspraak laat scherp zien dat drie normenkaders naast elkaar bestaan:
1. Strafrecht
Het strafrecht stelt hoge eisen aan bewijs en opzet. Twijfel betekent vrijspraak.
2. Tuchtrecht
Het tuchtrecht beoordeelt professioneel handelen. Hier kan grensoverschrijding al snel leiden tot maatregelen, ook zonder seksuele intentie.
3. Sociale veiligheid
Binnen organisaties geldt een nóg bredere norm: gedrag moet veilig, zorgvuldig en professioneel zijn — ook als het niet strafbaar is.
Voor sociale veiligheid is strafbaarheid geen ondergrens. De norm ligt hoger.
Waarom deze nuance belangrijk is voor organisaties
In veel organisaties ontstaat spanning rond dit soort situaties.
Medewerkers zeggen bijvoorbeeld:
“Het was toch niet strafbaar?”
“Er was geen verkeerde bedoeling.”
“Het is juridisch niet bewezen.”
Maar sociale veiligheid draait niet om strafrechtelijke bewijsregels. Het gaat om:
Machtsverhoudingen
Toestemming
Professionele rolzuiverheid
Psychologische veiligheid
In deze zaak waren de patiënten onder narcose. Dat vergroot de kwetsbaarheid. Ook al werd geen seksuele intentie bewezen, de professionele grens werd wél overschreden.
En precies daar zit de kern:
Grensoverschrijdend gedrag kan ernstig zijn zonder strafbaar te zijn.
De gevaarlijke misvatting: “Niet strafbaar = dus acceptabel
Dat is juridisch onjuist én organisatorisch riskant.
Het strafrecht is ultimum remedium. Het grijpt pas in bij ernstige normschendingen waarbij schuld en opzet bewezen kunnen worden.
Sociale veiligheid vraagt om een veel preventiever kader.
Organisaties die hun norm baseren op “wat strafbaar is” leggen de lat te laag.
Wat leren we hiervan voor sociale veiligheid?
1. Professionele rolafbakening is cruciaal
Een anesthesioloog heeft een andere taak dan een chirurg. Rolzuiverheid voorkomt grensvervaging.
2. Toestemming is geen formaliteit
Zeker in afhankelijkheidsrelaties moet toestemming expliciet en zorgvuldig zijn.
3. Intentie is niet doorslaggevend
Ook zonder “slechte bedoeling” kan gedrag schadelijk en grensoverschrijdend zijn.
4. Context verzacht strafrecht, maar niet altijd organisatie-impact
De aanwezigheid van collega’s en een medische setting voorkwam strafrechtelijke veroordeling, maar deed niets af aan het oordeel dat het gedrag misplaatst was.
De dunne lijn tussen juridisch verwijt en normatief falen
De rechtbank formuleerde het kernachtig:
Het gedrag was misplaatst en grensoverschrijdend, maar niet strafbaar.
Dat verschil is fundamenteel.
Strafrecht vraagt om bewezen seksuele intentie.
Sociale veiligheid vraagt om professioneel en respectvol handelen.
Die twee overlappen, maar vallen niet samen.
Tot slot
Deze zaak onderstreept dat sociale veiligheid meer vraagt dan juridische compliance.
Een organisatie die zich uitsluitend afvraagt “is het strafbaar?” stelt de verkeerde vraag. De betere vraag is:
Is dit gedrag professioneel, zorgvuldig en veilig — ook vanuit het perspectief van degene die afhankelijk of kwetsbaar is?
Want precies in dat spanningsveld — tussen strafbaarheid en grensoverschrijding — wordt de cultuur van een organisatie zichtbaar.
En daar ligt uiteindelijk de echte norm.
Wil je als vertrouwenspersoon sterker staan in dit spanningsveld?
De uitspraak van de rechtbank laat zien hoe ingewikkeld de grens kan zijn tussen grensoverschrijdend gedrag en strafbaar handelen.
Voor vertrouwenspersonen is dat geen theoretische discussie. Het is dagelijkse praktijk. Melders stellen vragen als:
Is dit strafbaar?
Moet ik aangifte doen?
Wat gebeurt er daarna?
Wat betekent dit voor mijn werk en mijn privacy?
Juist op dat moment moet jij helder, zorgvuldig en feitelijk kunnen uitleggen wat de mogelijkheden zijn — zonder te juridiseren, maar mét kennis van zaken.
Nascholing: Meer dan ongewenst – Wanneer gedrag strafbaar wordt en wat je dan kunt doen(hybride)
In deze geaccrediteerde bij- en nascholing (8 BNS-uren, LVV-geaccrediteerd) leer je precies waar de strafrechtelijke grens ligt en wat er gebeurt als die wordt overschreden.
Na deze cursus:
Herken je wanneer gedrag strafbaar is – en wanneer niet
Begrijp je hoe aangifte doen werkt en wat de gevolgen kunnen zijn
Kun je de voor- én nadelen eerlijk bespreken met een melder
Weet je hoe het strafrechtelijk traject verloopt
Ken je de rechten van het slachtoffer
En weet je precies wat jouw rol is — en waar jouw grenzen liggen
De cursus wordt verzorgd door Joyce Boonstra-Verhaert, advocaat gespecialiseerd in integriteit en financieel-economisch strafrecht. Zij vertaalt het juridische systeem naar de praktijk van de vertrouwenspersoon: concreet, toepasbaar en zonder juridisch jargon.
📍 Te volgen in Den Haag of online (live)
📅 21 april 2026 of 3 november 2026
🎓 8 BNS-uren (LVV-accreditatie)
💶 € 450,- (vrijgesteld van BTW)
Wil jij melders beter kunnen begeleiden wanneer de vraag op tafel komt: “Is dit strafbaar?”
Bekijk de data en schrijf je in via onze cursusagenda of neem contact met ons op voor een incompany-traject.